|
0.04s
|
|
![]() |
|||
Kabinet wil minder WW via rechterHet kabinet wil ontslag via de kantonrechter ontmoedigen. Ontslagvergoedingen die de kantonrechter toekent, moeten straks worden afgetrokken van de WW-uitkering. Per 1 september gaat uitkeringsinstantie UWV alle ontslagen die via de kantonrechter zijn toegekend, toetsen. Bron: Volkskrant 18-08-03 Door het nieuwe beleid wordt ontslag via de kantonrechter onaantrekkelijker. Nu kan ontslag door de rechter worden verleend of door het Centrum voor Werk en Inkomen, CWI. De laatste jaren steeg het aantal ontslagzaken bij de kantonrechter explosief. In 1999 werden 31 duizend ontslagen geregeld via de rechter en 42 duizend bij het CWI. Vorig jaar was de verhouding vrijwel in evenwicht. 68 duizend via de rechter en 71 duizend bij het CWI. Voor de werkgever is het voordeel dat de procedure snel is afgerond. Voor de werknemer kan de vergoeding die de rechter toekent, aantrekkelijk zijn. Ontslag via het CWI duurt in de regel enkele maanden. Het CWI toetst de bedrijfseconomische noodzaak van het ontslag. Ook wordt gekeken waarom juist de voorgedragen werknemer voor ontslag in aanmerking komt. Degenen die via het CWI zijn ontslagen, krijgen zonder verdere controle van het UWV een uitkering. Het kabinet Balkenende I kondigde in het regeerakkord aan dat de ontslagvergoedingen moeten worden verrekend met de WW-uitkering. Minister De Geus van Sociale Zaken werkt dit voornemen nu uit in regelgeving die dit najaar van kracht zou moeten worden. Dit vermindert de aantrekkelijkheid voor werknemers sterk om mee te werken aan ontslag via de kantonrechter. Daarnaast scherpt WW-uitkeerder UWV met ingang van september de controle op aanvragen voor de WW-uitkering aan. Bij ontslag via de kantonrechter gaat het UWV toetsen of het ontslag verwijtbaar is of niet. Is de werknemer volgens het UWV verwijtbaar werkloos dan krijgt hij geen of slechts een gedeeltelijke WW-uitkering. 'Een ontbindingsvonnis of een beeïndigingscontract is vaak onvoldoende bewijs voor de vaststelling van de ontstane werkloosheid', schrijft UWV aan werkgevers. De werknemer moet zich bij de rechter inhoudelijk verweren tegen het dreigende ontslag. Samen met het CWI gaat het UWV voortaan onderzoeken of er bedrijfseconomische noodzaak was voor het ontslag. Het UWV ontkent dat zij zich hiermee boven de rechter plaatst en diens oordeel in twijfel trekt. 'Wij toetsen het oordeel van de rechter niet over ontbinding van het contract. Wij kijken slechts of er aanspraken zijn op een WW-uitkering. Daarbij gaat het om de vraag of de werkloosheid verwijtbaar is of niet. We intensiveren dat beleid. Dat past bij het beleid de instroom in de WW te beperken', zegt de woordvoerster van het UWV. |
|||||